Tag Archives: hoezo anders

Afscheid

geschreven door Jarno, voorzitter van de jongerenraad

Er is een tijd van komen.
Acht jaar geleden begon Hoezo Anders, Daniella had een droom! Vijf jaar geleden was mijn eerste aanraking met Hoezo Anders. Het DenkAndersDebat in Zwolle. Een interview volgde en al gauw was ik lid van de jongerenraad. Na een jaar mocht ik voorzitter worden van deze raad. En dat heeft mij veel leuke en nieuwe ervaringen gebracht. Zoals het feit dat ik er erg veel nieuwe vrienden aan over heb gehouden, en ik nu weet hoe alles reilt en zeilt binnen een stichting. Het voelt alsof ik een stukje Hoezo Anders ben.

Er is een tijd van gaan.
Afscheid nemen gebeurt bij iedereen en is in elk denkbare situatie mogelijk. Soms neem je afscheid van een dierbare, of afscheid van je werk. En misschien is daar dan ook iets nieuws voor in de plaats gekomen.  Zo moest ik laatst afscheid nemen van een vriendin, omdat ze een “nieuwe start” heeft gemaakt, Ook moest ik afscheid nemen van mijn ouders, omdat ik ben gaan samenwonen. Afscheid neem je meestal ook niet zomaar, afscheid is het moment waarvan je weet dat het een keer komt. Dat het gaat gebeuren. En ineens is het moment aangebroken. Zoals bij Hoezo Anders. Er zijn zoveel nieuwe initiatieven en stichtingen, dat onze doelen worden doorgezet. Dan is het tijd om afscheid te nemen. Verder te kijken naar nieuwe activiteiten voor in ons leven. Die je een stapje dichter bij je droom kunnen brengen. Afscheid neem je soms voor even en soms voorgoed. Je zegt: “Tot straks”, “bedankt voor alles” of “het ga je goed”!

De tijd van gaan is nu gekomen.
Mijn avontuur bij Hoezo Anders komt ten einde. Het houdt op. We stoppen ermee. Maar ook de avonturen van alle andere vrijwilligers: de bloggers, de jongerenraad, redacteurs, het bestuur, en in het bijzonder die van onze directrice Daniella komt nu ten einde. Hoezo Anders stopt. Het is klaar. Allemaal zijn wij een stukje Hoezo Anders en dat nemen wij de rest van ons leven mee. De ervaringen, de avonturen. Ik zal ze niet vergeten. En voor de toekomst ben ik een paar levenslessen rijker! De koek is op. Onze wegen gaan scheiden. Onze wegen gaan elkaar ook weer kruisen. We hebben vrienden gemaakt. Mensen ontmoet die niet zo aardig waren. En samen iets moois neergezet. Hoezo Anders.

Bedankt.
Als voorzitter van de jongerenraad mag ik nu afscheid gaan nemen van Hoezo Anders.
Hoezo Anders bedankt! Dankjewel, voor deze leuke jaren en mooie ervaringen. De ontmoetingen met inspirerende mensen, die ondertussen mijn vrienden zijn. Namens de Jongerenraad en ook namens mij! Bedankt, voor: “leef je eigen droom”.

Bedankt voor de inspiratie. Dankjewel dat ik een stukje van Hoezo Anders mag zijn. En jij lezer/ volger van Hoezo Anders, Jij ook bedankt! Bedankt voor je steun en de leuke reacties op onze initiatieven. Maar ook bedankt, voor het lezen van onze blogs. Want zonder jullie waren wij als Hoezo Anders er niet geweest!

Dankjewel! Leef je eigen droom. #denkanders.
Jarno Hoving.

Voorzitter Jongerenraad.

 

een trip ‘down memorylane’

Vorige week hebben jullie in de blog van onze directeur kunnen lezen dat Hoezo Anders na ruim acht jaar ophoud met bestaan. Ik mocht 4,5 jaar deel zijn van dit fantastische team. Dankzij Hoezo Anders heb ik stappen kunnen zetten in mijn eigen ontwikkeling.

Onzekerheid
Juni 2014. Mijn eigen blog was net opgestart toen ik de uitnodiging kreeg om blogger te worden. Er spookten zoveel gedachten door mijn hoofd: ‘schrijf ik hier wel goed genoeg voor?’, ‘kan ik dit wel?’, ‘kan ik wel voldoen aan datgene wat ze van mij verwachten?’. Ook is de slogan van Hoezo Anders natuurlijk: Voor jongeren met een niet-zichtbare beperking of chronische ziekte die hun dromen willen realiseren. Mijn beperking is volgens mij alles behalve niet-zichtbaar. Ik was zó onzeker.

Het eerste contact met de andere vrijwilligers bij Hoezo Anders voelde heel warm. Toch waren mijn eerste blogs voor mijn gevoel niet goed genoeg. Ik was altijd gespannen als ik een blog moest inleveren. Ik vroeg de hoofdredacteur altijd om tips en kreeg dan mooie positieve feedback terug. Ik leerde mijn gevoel onder woorden te brengen. Soms kon ik ook het kwetsbare stukje van mezelf laten zien, zoals in mijn in 2015 geschreven blog: jezelf in de spiegel

Langzaam zag ik mezelf groeien. Ik leerde mijn gevoel op papier te uiten en daardoor te reflecteren op mijn leven. Ik schreef over mijn mislukte zoektocht naar de liefde. De steun die ik kreeg van alle mensen die mijn blog lazen, was hartverwarmend. Binnen de stichting kreeg ik ook zoveel lieve berichten. Ik ben zo dankbaar voor alle lieve woorden!

Hoofdredacteur
Afgelopen jaar kreeg ik de kans om mijn werk naar een hoger niveau te tillen. Ik werd namelijk hoofdredacteur. Weer werd ik onzeker: kon ik dat wel? Was dat niet teveel verantwoording? Tegelijkertijd was ik enorm gemotiveerd om aan de slag te gaan. Terugkijkend op het afgelopen jaar hebben we veel mooie dingen gemaakt en beleefd met onze stichting. Ik ben trots op ‘mijn’ vrijwilligers die toch mooi iedere maand weer toffe blogs schreven. Trots op ‘mijn’ redacteuren die het voor elkaar hebben gekregen om de verhalen van een aantal jongeren op een bijzondere manier in kaart te brengen.

Ik denk dat ik mijn taak zeker goed gedaan heb. Soms moest ik knopen doorhakken, die ik liever niet doorhakte. Soms moest ik even uit mijn comfortzone, zoals bij het Denkandersdebat of het gaan naar nieuwe, onbekende plekken. En toch, stiekem vond ik het best wel heel erg leuk!

En nu?
Het einde nadert… Dat gaat mij niet altijd makkelijk af. Ik denk dat ik straks in een zwart gat val. Ineens heb ik meer tijd over, geen vrijwilligersteam meer om aan te sturen, geen super enthousiaste, lieve Hoezo Anders volgers meer. Ook kan ik straks niet meer regelmatig even onze website afstruinen om alles even te perfectioneren. De deuren gaan wijd open voor een nieuwe uitdaging! Wat blijft zijn de contacten met de mooie, lieve mensen van de stichting. De ervaringen die ik op heb gedaan zullen voor altijd in mijn hart zitten.

Rest mij nog één ding. Lieve, trouwe volgers dank jullie wel! Zonder jullie hadden wij niet kunnen doen, wat wij al die jaren hebben gedaan. Dank jullie wel voor jullie mooie woorden, voor het feit dat ook jullie Hoezo Anders een plekje in jullie leven hebben gegeven. Ik wens jullie een hele mooie toekomst toe!

Mocht je het leuk vinden om mij te blijven volgen: dat kan via mijn facebookpagina of mijn blogs.

Liefs Ellis

Interview met Yacintha

Door onze hoofdredacteur Ellis

De drieëntwintigjarige Yacintha kampt al een tijdje met depressie. Ze besloot haar eigen depressie bij te houden in dagboekvorm. Zo ontstond haar boek: Dagboek van een (anti)depressivo.

Hoe ben je begonnen met schrijven?
Met het schrijven van dit boek ben ik begonnen in het vliegtuig op vakantie naar de Canarische Eilanden. In eerste instantie begon het als een gedicht over een soort ‘monster’ dat zich in me bevindt. Vrij snel stapte ik toen over op een soort beschouwingen (in het boek te lezen als ‘beginsituatie’). Al vrij snel kwam ik erachter dat je daar geen boek mee kunt vullen en na het schrijven van een fragment ter ‘illustratie’ van die beschouwingen, bedacht ik me dat het interessant is om de ontwikkeling daarin te volgen. Het heeft me uiteindelijk een boek van bijna tweehonderd bladzijden opgeleverd.

Wat beschrijf je in je boek? Hoe voelde het voor jou om alles te kunnen uiten?
In mijn boek heb ik een jaar lang mijn eigen depressie in dagboekvorm beschreven. Dit heb ik gedaan vanuit drie perspectieven: de impact van depressie op mijn dagelijks leven, de zoektocht naar een goede behandeling en de ‘herstelkant’. Ik heb geprobeerd hierin altijd een beetje hoop te laten doorklinken. Daarnaast heb ik veel sarcasme en een beetje humor gebruikt; voor mij zijn dat manieren om het leefbaar te houden, in dit boek was het vooral nodig om het niet één lange klaagzang te laten zijn. Het schrijven van dit boek heeft mij vooral geleerd dat ik schrijven echt heel leuk vind, en dat dat me veel voldoening oplevert. Het schrijven op zich was voor mij op een gegeven moment belangrijker dan het uiten van mijn gevoelens. In de correctiefase heb ik echter wel veel geleerd van het nog eens met een ‘frisse blik’ naar mijn eigen verhaal kijken.

Wat ik het meest spannende vind aan het uitgeven van dit boek, is de vraag hoe de omgeving gaat reageren. Natuurlijk vond ik het spannend toen ik mijn definitieve manuscript had ingeleverd en ik nog groen licht moest krijgen, maar nog veel enger vind ik het dat bijvoorbeeld mijn familie na 30 november weet hoe diep het eigenlijk zat. Het is gewoon heel anders dan het alleen weten dat iemand depressief is; nu krijg je min of meer een kijkje in mijn hoofd.

Wat mag je absoluut niet zeggen tegen iemand die depressief is? 
In mijn ‘carrière’ als depressie-patiënt heb ik al een heleboel voorbij horen komen: “Tja, we hebben allemaal wel eens een mindere periode”, “Misschien moet je toch nog eens iets doen aan hoe je met stress omgaat”, “Ik zou geen medicijnen gebruiken hoor, als het niet echt nodig is…”. Ik wil niet zeggen wat ik het meest vervelend vind, wat ik vooral wil benadrukken is dat mensen moeten proberen te luisteren. Luisteren betekent dat je iemand niet onderbreekt om een waslijst tips te geven, het betekent dat je de tijd neemt om iemand uit te laten praten en zonder oordeel laat zien dat je probeert je te verplaatsen in iemands pijn.

Heb jij hulp gezocht? Was het lastig om die stap te nemen?
Toen ik mijn eerste ernstige depressie beleefde, geloofde mijn toenmalige schoolpsychologe dat ik ‘gewoon’ een trauma had opgelopen van mijn vorige school (waar ik was weggepest). Ik wist toen instinctief dat dat niet klopte, omdat ik bij het weggaan van die school overspannen was en dat heel anders voelde. Bovendien had ik het idee dat mijn sombere gevoel niet zozeer daardoor werd veroorzaakt, en hadden mijn beide ouders in het verleden een depressie, waardoor ze de symptomen herkenden. De depressie die ik in dit boek beleef(de) leek zoveel op de vorige, dat het me heel snel duidelijk werd wat het was.  Eigenlijk is het voor mij altijd heel vanzelfsprekend geweest om hulp te krijgen. Met name doordat mijn ouders al voor mij naar de GGZ gingen toen ik zeven jaar was, ben ik eigenlijk niet anders gewend. Bovendien heb ik een groot deel van mijn schooltijd in het speciaal onderwijs doorgebracht, waar ik ook nog wel eens bij de maatschappelijk werker of psycholoog terechtkwam.

Waarom vind je het belangrijk dat mensen jouw verhaal leren kennen?
Ik vind het belangrijk dat mensen mijn verhaal kennen, omdat ik denk dat het voor een stukje openheid kan zorgen. Depressie, met name de ernstige variant, kent veel taboes. Ook ikzelf laat niet graag het achterste van mijn tong zien, omdat het afschuwelijk pijnlijk kan zijn om sommige woorden over je lippen te krijgen. Juist het erover kan praten kan helpen om de druk van de ketel te halen, en een stukje eenzaamheid verminderen. Daarnaast vind ik het ook belangrijk dat mensen die het niet hebben, weten hoe ingewikkeld het bijvoorbeeld is om een goede behandeling te vinden. Depressie is meestal niet “stop er een pilletje in, buig je gedachten effe om en je bent klaar”. Het is een pijnlijk, uitputtend proces dat soms compleet uitzichtloos lijkt.

Welk fragment is je het meest bijgebleven?
Er zijn een aantal fragmenten die me om verschillende redenen zijn bijgebleven. Zo waren er de fragmenten waarin ik in eerste instantie rouwde om de dood van mijn vader (hij pleegde suïcide kort nadat ik in deze depressie kwam), waar de depressie overheen kwam. Hierin zie ik een soort ‘kluwen-effect’: het versterkt elkaar enorm. Ik ben wat dat betreft dolblij dat ‘het eerste jaar nadat’ achter de rug is. Een ander fragment dat me erg is bijgebleven, is een discussie die ik met een psychiater had. Hij weigerde min of meer een behandeling te geven omdat ik zijn advies – waar ik me gewoon niet in kon vinden – niet had opgevolgd. Aangezien hij op dat moment mijn laatste hoop was, was dat een ongelooflijke klap in mijn gezicht. Ook de fragmenten waarin ik compleet radeloos was, zijn me goed bijgebleven. Als ik die terug lees, verbaas ik me er nog steeds over dat ik blijkbaar een soort ‘drive’ in me heb om er toch doorheen te komen.

Wie zou jouw boek moeten lezen?
Ik denk dat iedereen die op een bepaalde manier met depressie te maken heeft, iets aan mijn boek zou kunnen hebben. Als je er zelf aan lijdt herken je er waarschijnlijk veel in en ervaar je dat je niet de enige bent, als naaste van kan het prettig zijn om beter te snappen wat iemand doormaakt en als professional krijg je een indruk wat het betekent om een behandeling te ondergaan.

Waar haal je voldoening uit?
Het klinkt een beetje flauw, maar op dit moment haal ik de meeste voldoening uit schrijven, en het uitbrengen van dit boek. Helaas kamp ik nog steeds met een depressie, al is het nu (in ieder geval qua ‘fysieke’ somberheid, mijn laatste behandeling heeft de biologische ‘angel’ er deels uitgetrokken) wel wat minder ernstig. Nog steeds is het moeilijk om ergens plezier uit te halen, wat maakt dat ik veel onderneem vanuit het idee “dat ik weet dat dat goed voor me is”. Ik hoop dat dat op termijn nog beter wordt.

Wat zou je tegen andere jongeren met een depressie willen zeggen?
Ik vind het lastig om een tip te geven, omdat ik liever geen clichés verkondig. Het enige wat ik zou willen aanraden, is: luister naar je gevoel. Depressief zijn is zo intens zwaar, dat je soms echt iets anders nodig hebt dan ‘gezonde’ mensen. Afleiding zoeken kan bijvoorbeeld heel fijn zijn, maar als je nooit over je gevoelens praat, stapelt het zich op. Ook het cliché dat je zoveel mogelijk structuur in je dag moet houden klopt tot op zekere hoogte, maar ook hierin moet je naar je gevoel luisteren: als het niet lukt om je ‘normale’ leven voort te zetten omdat je er compleet overprikkeld van raakt, moet je gaan schrappen. De enige die kan bepalen waar de grens ligt, ben jij.

Over het boek
Yacintha’s boek heet ‘Dagboek van een (anti)depressivo’. Het komt uit op 30 november en het is te koop voor €19,99 bij uitgeverij ‘Boekscout’, en een paar dagen later ook via Bol.com.

 

hoezo anders stopt. Lang leve Hoezo Anders!

Door onze directeur Daniella

Ongeveer 10 jaar geleden maakte ik mij zorgen over de toekomst van mijn zoon. Met een pakketje aan niet-zichtbare ‘labels’ (vind het nog steeds een stom woord eigenlijk) vroeg ik me af of hij wel een baan zou kunnen vinden. Gaat de maatschappij hem accepteren? Steunen? Om daar achter te komen interviewde ik jongvolwassenen met hetzelfde syndroom (22q11-deletiesyndroom) en nam zo een kijkje in de toekomst. Het gaf me enigszins hoop maar ik zag ook hun worstelingen: de maatschappij is niet makkelijk als je ‘anders’ bent. En waar kon je informatie vinden waar je echt wat aan hebt? Alles was voor volwassenen of ging over kleine kinderen. Daar moesten we iets aan doen: Stichting Hoezo Anders zag het levenslicht.

Omdat in 22q11 wel 190 verschillende aandoeningen zitten, moest Hoezo Anders een online plek worden voor alle jongeren met een chronische aandoening. Lichamelijk of psychisch. Met hulp van mijn netwerk ontstond het logo, kwam er briefpapier en een website. We deelden ervaringen van jongeren en tips om makkelijker je weg te vinden. Thema’s als opleiding, werk, wonen, geld, relaties, you name it; het kon allemaal besproken worden.

Denk Anders
In 2011 was ons 1e DenkAndersDebat. Jongeren in gesprek met werkgevers. Het werden er 15 in de afgelopen 7 jaar. Door heel Nederland. Met vertegenwoordigers van KPN, Shell, ING, ABN Amro, UWV, hogescholen, ROC’s, politieke partijen, de staatssecretaris (!), woningcorporaties, uitzendbureaus…. En mooier: met heel veel jongeren die hielpen met de organisatie of aan tafel of in de zaal meedachten of -praatten, muziek maakten of presenteerden. Ik ben enorm trots op dit event en iedereen die daar een bijdrage aan heeft geleverd.

Ik ben ook heel erg trots op onze redactie. Vijf hoofdredacteuren die een jaar soms 2 jaar bleven en met een team van vrijwillige redacteuren interviews deden en de websites hoezoanders.nl en hoezo18.nl. vulden. Ze deden werkervaring op en kregen zelfvertrouwen met een echte baan of ondernemerschap als volgende stap. En ik ben buitengewoon blij met onze Jongerenraad die meedacht, adviseerde en zoveel mogelijk aanwezig was bij al onze events.

Tijd voor wat anders
En nu gaan we stoppen. Waarom? Als het zo goed gaat en we nog lang niet klaar zijn? Omdat er blijkbaar toch iets is verbeterd in de afgelopen 8 jaar. We begonnen met Hoezo Anders omdat er niets was voor jongeren. Nu zijn er meerdere initiatieven en projecten. Van patiëntenverenigingen die zijn gaan inzien dat jongeren andere wensen en vragen hebben. Van fondsen die zelf projecten zijn gaan ontwikkelen. En dan zie je inmiddels heel veel jongeren die bloggen en hun ervaringen delen over hun leven met hun ziekte. Het zijn mooie en prima ontwikkelingen. In dat opzicht ben ik blij dat we het stokje door kunnen geven. We waren nodig en we waren ambitieus. Nu is het tijd voor wat anders.

Ik maak voor iedereen die betrokken is geweest, een bijdrage heeft geleverd, ons gevolgd heeft en voor wie wij van betekenis zijn geweest een diepe buiging en wens je heel veel geluk, sterkte en liefde. Blijf dromen want daar begint alles mee!

Daniella

P.S. de websites hoezoanders.nl en hoezo18.nl en de facebookpagina gaan in december uit de lucht.

wiskunde heb je later écht niet nodig

Geschreven door blogger Renske

Het thema van deze maand is; schrijf een brief aan je jongere zelf. Ik moet toegeven, dit is geen thema waar mijn voorkeur naar uitging, en ik vond het dan ook best lastig om te bepalen wat ik precies zou gaan schrijven. Gelukkig heb ik een zusje die graag even met me wilde brainstormen. Ik zal eerst even schetsen hoe mijn leven er tien jaar geleden uitzag. Ik zat toen in de 2e klas van de havo, en zat niet heel lekker in mijn vel. Wel deed ik toen al aan klimmen, zowel trainingen als wedstrijden, maar alleen regionaal, bij de reguliere competitie.

Doe niet zo eigenwijs
Als eerste zou ik zeggen dat ik toch echt minder eigenwijs moet doen, en dat het hebben van een rolstoel voor dat ene uitje naar Amsterdam met school toch echt handiger zou zijn dan al die kilometers lopen en heel moe thuiskomen. Is het gevreesde toch waar: je moeder heeft altijd gelijk. Maar het duurt nog wel een jaar of vier tot je erachter komt dat de rolstoel er is om je leven makkelijker te maken, niet moeilijker. Als je je energie beter verdeelt, en niet meer ‘verspilt’ aan dingen die je niet leuk vindt, zoals lopen, dan houd je weer meer energie over voor dingen zoals klimmen! Staren doen mensen toch wel, dat wordt niet erger in een rolstoel dan wanneer je loopt.

Maak je maar geen illusies, over 10 jaar ben je zeker nog steeds eigenwijs, maar af en toe stap je toch in die rolstoel, en inmiddels ook wel achter dat ‘ie super handig kan zijn. Bijvoorbeeld als je naar een pretpark gaat, zodat je niet meer halverwege de dag zit te wachten op een bankje omdat een attractie toch te ver lopen is, of wanneer je een weekje naar Rome gaat, zodat je veel meer kunt zien dan mogelijk zou zijn zonder rolstoel.

Paraklimmen
Je vindt klimmen heel leuk om te doen, al frustreert het je wel enorm dat kinderen die jonger zijn dan jij je voorbij klimmen tijdens zowel trainingen als regiowedstrijden. Zo gek is het eigenlijk niet, want zij hebben geen beperking. Ik weet dat je dat niets uitmaakte en dat je evengoed wilt winnen. Over tien jaar wil je nog steeds enorm graag winnen, maar heb je wel eindelijk geleerd dat je klimt voor jezelf, en tegen jezelf.

Je komt er dan achter dat het minstens net zo belangrijk is om plezier te hebben, en dat je dan vanzelf beter gaat klimmen. Met een lach deelnemen aan wedstrijden en tevreden zijn met hoe je hebt geklommen, ongeacht het resultaat; dat kun je je nu vast niet voorstellen, maar over tien jaar lukt het je echt! Over tien jaar is het zelfs zover, het lukt je eindelijk om je eerste 6a te klimmen. Had je niet gedacht hè?!

Tot slot; je zit nu misschien niet lekker in je vel, maar volgend schooljaar zal een stuk beter zijn. Over een paar jaar heb je ook een gezellige vriendengroep, en nog beter; over tien jaar heb je die vrienden nog steeds. Het komt allemaal wel goed!

P.S. Maak je geen zorgen, ondanks wat docenten nu tegen je zeggen; wiskunde heb je later echt niet nodig, laat het na volgend jaar lekker vallen! En je haar laten groeien is geen slecht idee, het staat je goed.

brief aan mezelf

Geschreven door blogger Alicia

Voor het thema van deze maand schreef ik een brief aan mijn tien jaar jongere zelf, een meisje van dertien dat net naar de brugklas ging en aan een nieuwe fase in haar leven begonnen was. Nu, tien jaar later, sta ik op het punt om er weer een af te ronden. Wat zou de dertienjarige Alicia vinden van de Alicia van nu?

Lieve jij,

Ik moet toegeven dat ik niet eens weet of je wil dat ik je zo aanspreek. Of je het fijn vindt om lief genoemd te worden en al helemaal door mij. Ook moet ik toegeven dat ik soms zou willen dat jij hier was in plaats van ik.

Ben je trots op mij? Ben ik de persoon geworden die je voor ogen had? Ik vraag het me af. Ik weet nog dat je zulke mooie plannen had voor de toekomst, maar die zijn niet echt uitgekomen, hè? Baal je daarvan? Ik niet, hoor. Je wilde schrijver worden, grafisch ontwerper en studeren in het buitenland. Je wilde een tussenjaar en een wereldreis, maar verder dan veertig kilometer van je geboorteplaats ben je niet gekomen. Een wereldstad, dat wel, maar toch dichtbij huis. Is dat niet fijn?

Ik weet nog dat je dacht: later komt alles goed. En wat ‘alles goed’ dan was, dat wist jij ook niet. Ik kan je vertellen dat ik dat ook nog steeds denk (‘Als ik later groot ben…’). Nou, daar zijn we dan, tien jaar verder en weet je: het is goed gekomen. Jij weet namelijk wel wie je bent en ook dat, of je nou veel ziet of weinig, je er altijd mag zijn.

Wist je dat ik nu een stok gebruik? Zo’n witte. Maar ik fiets ook nog wel eens, hoor, dus maak je geen zorgen. Soms is het gewoon fijn om even niet voor mezelf te hoeven kijken, al die moeite in de onzinnige straatdetails te steken, zoals stoepen en paaltjes. Ik reis ook alleen met de trein. Ha, dat had je niet gedacht, natuurlijk! Dan is zo’n stok heel fijn, echt waar. Hij geeft je rust en vertrouwen. Dat kan jij misschien nog wel gebruiken.

Als ik aan jou denk, denk ik aan iemand die de mooiste dromen had en de grootste fantasie. Hoe denk jij nu over mij? Zou dat nog steeds zo zijn? Die drie studies die je wilde doen, heb ik niet gedaan. Ik doe er een, maar die kan wel alle verschil maken in de wereld. Jij denkt daar nog niet zo over na, over verschil maken, maar ik weet dat dat kan. Wij kunnen dat, als we maar willen durven. Durf jij?

Ik wil dat je weet dat het niet erg is om niet te durven. Het is prima om soms een stap terug te zetten. Het cliché ‘blijf trouw aan jezelf’ is absoluut waar, heb ik gemerkt. Geloof in je dromen en dan weet ik zeker dat ook jij zult zeggen: Het is helemaal goed gekomen.

Hierom weet ik dat ik je geen succes hoef te wensen.

Liefs,

Je grote ik.

vijf tips om op jezelf te gaan

Je bent jong en eigenlijk wil je graag op jezelf. Je wilt een zelfstandig leven opbouwen. Hoe pak je zoiets aan? Waar moet je aan denken? Belangrijk is om af te wegen wat je wilt. Heb jij het bijvoorbeeld nodig om begeleid te wonen? Dan is het natuurlijk belangrijk dat je dat uitzoekt. In dit artikel vind je vijf basistips om de stap ‘uit huis gaan’ te nemen.

Het bekijken van jouw financiële plaatje
De eerste stap die belangrijk is om te maken als je merkt dat je eraan toe bent om uit huis te gaan, is om alles eens even op een rijtje te zetten. Welke inkomsten en uitgaven heb jij nu al maandelijks? Een “vaste last” die je maandelijks hebt is bijvoorbeeld jouw zorgverzekering. Als je al een eigen auto hebt, kun je de autoverzekering, -belasting en je benzinekosten ook opschrijven als maandelijkse uitgave. Het is goed om alles naast elkaar te zetten, zodat je ziet wat je inkomsten en je uitgaven zijn, wat je per maand over hebt en waar je eventueel op zou kunnen besparen. Ook zou je alvast kunnen uitzoeken wat je hypotheek /huishuur en je uitgaven aan gas/water/licht ongeveer gaat zijn. Als je uit huis gaat, heb je wellicht ook recht op een (huur)toeslag, dit kun je ook van tevoren uitzoeken.

Wat is jouw eisenlijstje?
Iedereen heeft wel een wensenlijstje als hij/zij uit huis gaat. Welke dingen zijn voor jou belangrijk?Hecht jij meer waarde aan de stad of aan een dorp? Heb jij de roering van een stad nodig of houd je van de rust? Waar is je opleiding / werk? Hoe ver wil jij daarheen rijden? Wil je een appartement of een huisje met eigen grond? Wil je huisdieren? Het zijn allemaal dingen waar je rekening mee moet houden. Als je gaat huren is het mogelijk dat je wat water bij de wijn moet doen, omdat de keus in huurhuizen niet heel groot is. Als je een huisje toegewezen krijgt, moet je vaak binnen twee dagen beslissen. Ook mag je het huis niet altijd bezichtigen.

Huurwoning of koopwoning?
Het kiezen van een huur- of een koopwoning is een belangrijke beslissing die je moet nemen. Daarbij moet je natuurlijk ook rekening houden met de andere voorwaarden. Het is goed mogelijk dat je geen huis kunt kopen. In dat geval is het goed dat je eens gaat zoeken naar woningbouwverenigingen. Met een simpele zoekopdracht via google krijg je meestal wel een resultaat bij jou in de buurt. Lees dan de voorwaarden eens door en meld je aan bij de woningbouw. Wanneer je jezelf in gaat schrijven voor een huurwoning, houd er dan rekening mee dat de wachttijd enkele jaren is. Je moet wachttijd opbouwen voordat je uiteindelijk hoog genoeg komt om woningen te kunnen bezichtigen.

Heb je genoeg inkomsten, ga je bijvoorbeeld samenwonen of heb je ouders die jou aan een eigen huis willen helpen, is het goed mogelijk dat je voor een koopwoning kunt gaan. Belangrijk is dan dat je naar een hypotheekadviseur gaat om de mogelijkheden te bekijken. Zelf kun je natuurlijk ook proefberekeningen doen via internet. Zo weet je al een beetje waar je aan toe bent. Ook is het goed mogelijk dat de hypotheekadviseur je vertelt dat je door je uitkering geen hypotheek kunt krijgen. Renske vertelde dat in haar blog. Ga dan ook eens praten bij andere hypotheekadviseurs.

Luisteren naar je gevoel
Soms wil je graag uit huis gaan en ga je van alles regelen, maar ga je voorbij aan je gevoel. Hoe voelt het voor jou om de stap “uit huis gaan” te zetten. Als heel je gevoel zegt: NEE!, dan is het wellicht nog niet het juiste moment. Het is heel belangrijk om te weten of je klaar bent voor de stap. Uit huis gaan is eng en spannend, dat blijft het altijd, maar je gevoel kan ook te sterk aanwezig zijn. Je moet straks wel van dat huisje een nieuw thuis creëren. Een fijne plek waar je graag bent en wilt en kunt groeien. Zo heb je zelf de regie over jouw eigen leven, jouw toekomst.

Sparen voor je uitzet
En last, but not least. Nu je nog thuis woont, kun je alvast veel voorbereiden. Ga eens na bij jezelf wat je stijl / smaak is. Zoek daarvoor eens naar ideeën op internet of in bijvoorbeeld TV-programma’s. Hoe gaat je huis er straks uit zien? Wat vind jij tof? Wat maakt een huis jouw thuis? Begin alvast met het verzamelen van kleine dingetjes, zoals glazen, borden of misschien wel theedoeken en handdoeken. Bedenk wat je mee wilt nemen als je straks uit huis gaat en wat je nog (nieuw) moet kopen. Zoek de lokale Facebook verkoopgroepjes af. Vaak kun je iets dan al voor een klein prijsje kopen. Zo’n zoektocht maakt de stap “uit huis gaan” in ieder geval een stuk leuker!

Geschreven door hoofdredacteur & blogger Ellis

voorbereiden op een nieuw (t)huis

geschreven door Jarno, voorzitter van de jongerenraad

Na een goed jaar reageren op woningen hebben we het voor elkaar! We hebben een (huur) huis, we gaan samenwonen. Over een maand krijgen wij de sleutel. Ik ben heel erg enthousiast ben, maar er komt ineens ook heel veel spanning bij kijken. Wachten duurt best wel lang. Wat kan ik alvast voorbereiden?

Money
Als eerste hebben we maar de inkomsten en uitgaven op een rij gezet. Wat komt er binnen? En wat verwachten we maandelijks uit te geven? Het klussen in het huis gaat natuurlijk ook geld kosten. Hiervoor hebben we alvast een begroting gemaakt.

Gas/stroom, water en verzekeringen
Vanaf het moment dat je weet wanneer je de sleutels krijgt, kan je alvast gas/stroom, water en de verzekeringen regelen voor je nieuwe huis. We hebben verschillende maatschappijen met elkaar vergeleken en gekozen voor de maatschappij die per onderwerp het beste bij ons past.

Inrichting
Over de inrichting zijn we natuurlijk ook heel erg aan het nadenken. Hoe willen we dat iedere kamer eruit komt te zien? En welke meubels hebben we daar voor nodig? Om elkaar duidelijk te maken wat we nou mooi vinden, hebben we moodboards gemaakt op Pinterest.

Meubels
Op grote meubels zoals een bed, bank of kast zit meestal een levertijd van 3-6 weken. Deze kan je hierdoor van te voren bestellen. Je zorgt dat ze geleverd worden op de datum dat je dan van plan bent om te gaan verhuizen. Hierdoor heb je alle grote meubels op tijd binnen zodat je sneller van je nieuwe stekje kan genieten.

Van laminaat tot verf
Ik houd de folders van bouwmarkten nu extra in de gaten om aanbiedingen te scoren voor materialen zoals: verf, behang en laminaat. We hebben een plattegrond gekregen van onze toekomstige woning, en dankzij de maten die er opstaan kunnen we berekenen hoeveel we er ongeveer van nodig hebben. Hierdoor kunnen we al dit soort materialen alvast van te voren aanschaffen.

Wachten
Nu we dit allemaal geregeld hebben, is het wachten geblazen. Wachten totdat we de sleutel krijgen. Wachten totdat eindelijk mijn nieuwe leven begint!

Jarno is de voorzitter van de jongerenraad van Stichting Hoezo Anders en hij is opzoek naar nog andere leden. Ben je benieuwd? Bekijk de vacature hier. Ben je enthousiast geworden? Neem dan contact op met Jarno via jongerenraad@hoezoanders.nl

Vijf dingen waar je op moet letten als je gaat verhuizen

Geschreven door blogger Alicia

Ik woon sinds drie jaar op mezelf: vanuit een klein stadje vertrok ik naar onze grote hoofdstad Amsterdam. Ik dacht de stad wel even te veroveren en hoewel me dat ook wel gelukt is (ik sta op goede voet bij de plaatselijke snackbar en ik ken de lekkerste plekjes om te relaxen in de buurt), zijn er ook genoeg dingen waar ik vooraf beter over na had willen denken toen ik voor het eerst mijn bescheiden 40m2-appartementje betrok. Aan deze vijf dingen had ikzelf misschien iets meer aandacht moeten besteden toen ik mijn ouderlijk huis voor het eerst verliet.

1. Wanneer ga je uit huis?
Dit is belangrijk om goed te plannen. Ik was zelf net twee weken met mijn studie begonnen en toen kwam er nog even een verhuizing tussendoor. Ik had niet veel spullen, dus met een dag stond het meeste wel binnen, maar toen moest ik naast het wennen aan de nieuwe opleiding tegelijk wennen aan een nieuwe omgeving en het feit dat ik nu alles alleen moest doen.

Het is dus goed om van tevoren te weten wat er op je pad komt voordat je verhuist. In de zomerperiode was voor mij niet haalbaar, omdat ik ook met de vorige bewoner te maken had, maar als ik dat had kunnen plannen, had ik dat gedaan.

2. Wat gaat het kosten?
Hier had ik wel over na gedacht, maar dan ook echt alleen hieraan. Ik had van tevoren een lijstje gemaakt van wat mijn inkomsten zouden zijn. Denk aan studiefinanciering, toeslagen, uitkeringen, noem maar op. Daarnaast hield ik een lijst bij met alle uitgaven die erbij zouden komen kijken. Die zijn natuurlijk afhankelijk van of je koopt (hypotheek) of huurt (is dat inclusief servicekosten of niet). Daarnaast moet er gegeten worden, gesport, geshopt en wil je zo af en toe leuke dingen doen of mobiel abonnement. Met een lijstje zie je precies wat je overhoudt of waar je juist op moet gaan bezuinigen.

3. Waar ga ik wonen?
Hier denk je waarschijnlijk al over na als je bezig bent met het zoeken van een (eigen) plek. Wil je landelijk of juist in een stad wonen? Nog belangrijker: welke voorzieningen moeten er voor jou in de buurt zijn? Voor mij was openbaar vervoer heel erg belangrijk, omdat ik in een vreemde omgeving moeilijk kan fietsen en autorijden er met een visuele beperking niet in zit. Nu stopt de bus voor de deur en ben ik zo in het centrum en op het station. Ideaal.

4.  Hoe ga ik wonen?
Dit had bij mij ook meer aandacht mogen krijgen, want niet ieder huis is even geschikt. Mijn woonkamer heeft veel licht, met grote ramen aan drie kanten, maar dat geldt niet voor mijn keuken. Ik ben nog bezig met het vinden van een goede oplossing om ook tijdens het koken voldoende licht te hebben, zodat ik alles goed kan zien. Bedenk dus ook van tevoren: wat heb ik nodig in mijn nieuwe huis en wat kan ik absoluut niet gebruiken?

5. Met wie ga ik wonen?
Samen met iemand in een huis wonen is natuurlijk altijd gezellig! In een studentenhuis, of juist op een kamer met vrienden, een partner of je huisdier. Zelf woon ik alleen, maar met veel vrienden en familie in de buurt. Het is altijd fijn om iemand in de buurt te hebben, maar misschien ook wel cruciaal, afhankelijk van je eigen situatie. Kan je snel bij iemand terecht op je nieuwe plek of moet men dan van ver komen? Bedenk of dat een probleem kan vormen of niet.

Bedenk voor jezelf: wat heb ik nodig en wat wil ik niet? Lijstjes maken kan hier goed bij helpen. Zet voor deze vijf zaken alles op een rijtje wat je wil en wat je niet wil, maar probeer ook creatief te zijn. Het perfecte plaatje is er niet altijd in een keer, maar dat kan je er wel zelf van maken!

 

Ndina

Door onze redacteur Claudia

De 19-jarige Ndina heeft een roerig leven achter de rug. Hierdoor kampt ze met verschillende stoornissen: PTSS, verlatingsangst en hechtingstoornis. Daarnaast is ze slechtziend.

Wat is er precies gebeurd?
Ik kom oorspronkelijk uit Malawi, maar ben al heel jong geadopteerd. Toen ik 3 maanden oud was, overleden mijn biologische ouders aan aids. Ik bleef alleen achter met mijn broer die toen 8 jaar was. We zwierven dagenlang rond en ik raakte ernstig ondervoed. Uiteindelijk heeft mijn broer me naar het ziekenhuis gebracht. Hier verbleef ik een hele tijd totdat twee lieve mensen me meenamen: mijn huidige adoptieouders.

Het verlies van je ouders bepaalde je leven, toch?
Aan het verlies van mijn ouders heb ik onder andere een hechtingsstoornis overgehouden. Dit betekent dat ik moeite heb om een vriendschap of een relatie aan te gaan. Ik ben vaak bang dat iemand me ‘toch’ wel zal verlaten, omdat ik al op zo’n jonge leeftijd de belangrijkste mensen in mijn leven ben verloren. ‘De kat uit de boom kijken’ is helemaal van toepassing op mij: ik durf pas echt iemand te vertrouwen wanneer ik hem of haar langere tijd ken.

Wat maakt jou anders dan andere leeftijdsgenoten?
Naast een hechtingsstoornis heb ik last van verschillende angsten. Deze zorgen ervoor dat ik niet alleen met het openbaar vervoer durf. Dat ik niet alleen boodschappen durf te doen in de supermarkt. De meest alledaagse dingen dus. Mijn adoptieouders of vrienden gaan altijd met mij mee. En dat is maar één kant van mijn verhaal: de ondervoeding heeft haar sporen achtergelaten. Zo zie ik nog maar voor 5% en kan ik er minder snel door leren.

Zijn er ook positieve dingen die door je stoornissen in het leven zijn gekomen?
Jazeker! Het maakte dat ik mensen leerde kennen die ik anders nooit had ontmoet. Het mooiste voorbeeld is mijn vriendje. Ik heb nu al bijna drie jaar een relatie met hem en beiden zijn we geadopteerd. Dit smeedt echt een band tussen ons. We voelen elkaar goed aan en praten veel over gevoelens die je alleen kent als je geadopteerd bent. Bijvoorbeeld het gemis van je biologische ouders.

Hoe zie jij jouw toekomst?
Ik probeer de toekomst open tegemoet te treden. Ondanks alle vervelende gebeurtenissen bekijk ik het leven positief. Ik probeer ook zoveel mogelijk leuke dingen te doen in mijn dagelijkse leven: koken en bakken. En ondertussen blijf ik mijn droom najagen: spelen in een serie of film. Hiervoor doe ik vaak mee aan audities. Vorig jaar werd ik gevraagd voor audities en ik wist het tot de laatste ronde te brengen. Wow! Wat gaf dat een positieve vibe.

Wat zou je jongeren met een (niet) zichtbare beperking of chronische ziekte willen meegeven?
De key tot geluk is accepteren. Accepteer jezelf elke dag een beetje meer. Geniet van de kleine dingen, maar laat je niet kleineren. Je bent niet anders; jij bent speciaal. Accepteren mensen je niet? Dan zijn ze misschien je liefde wel niet waard. En last but not least, blijft positief, want na regen komt zonneschijn.